Monday, January 23, 2012

The fine line between critique and criticism

The NRC newspaper recently published an editorial in the on recent developments in Haiti. The author, Linda Polman, is known as a vehement critic of the way development and emergency relief is organized. When such critique helps identify flaws in current processes and aims to open up constructive debate, it can be very useful in terms of improving existing practices. But considering the desperate situation of Haiti, coupled to the negative political climate in the Netherlands vis à vis development cooperation, this article provided destructive criticism, and not much more than that.



Despite the merits of Polman's prior work, recently I find myself increasingly questioning her motives, and wondering about the purpose of her criticism.

Polman's recent article was published in the well-read Saturday edition of the NRC, in a 2-page spread. Unfortunately, the NRC did not find it necessary to allocate any space to the (undoubtedly plentiful) responses to the article. This is a real shame, because her argument was shaky, the article was poorly written, and lacked reflection on the organizational and contextual realities in which NGOs operate. Overall, the article does more damage than good to any development efforts in Haiti.

The original article can be found here (login required), and below is the response I submitted to this article. Both are in Dutch.

---------------------------

Twee jaar na de aardbeving in Haiti en ziedaar: Linda Polman duikt weer op om haar kritiek te spuien. Ik vraag me na lezing van haar stukken wel steeds vaker af, wat ze er precies mee wil bereiken. Polman bekritiseert zonder enige terughoudendheid vrijwel iedere hulporganisatie die op haar pad verschijnt, onder andere op de neiging die ze aan hen toeschrijft om in te vliegen, rond te kijken, hun vlaggen te prikken, en exit. Maar doet ze zelf meer dan dat?

Haar opinieartikel 'Haiti, dictatuur van de hulp' (14 januari) rammelt aan alle kanten. In het eerste deel van het artikel bezigt ze zich met het afkraken van de initiatieven die tot nu toe zijn geimplementeerd door de hulpgemeenschap. In het tweede deel van het artikel, legt ze echter de kern van het problem bij het falende Haitiaanse beleid. Haar conclusie: hulporganisaties moeten investeren in de professionalisering van de Haitiaanse overheid. Wie er in de tussentijd dan moet dan zorgen voor huisvesting, sanitair, en ziektebestrijding, laat ze handig in het midden.

Zoals Polman zelf ongetwijfeld beseft: particuliere donateurs verwachten dat hun donaties primair terechtkomen bij de mensen die steun het hardst nodig hebben, namelijk de Haitianen in tentenkampen. Het versterken van de Haitiaanse overheid is beslist een nuttig doel, maar is eerder de verantwoordelijkheid van multilaterale of bilaterale ontwikkelingssteun. Deze wordt echter onder aanvoering van de PVV en ons huidige kabinet in rap tempo overboord gekieperd. Het zou Polman sieren een paar maanden actief mee te draaien in een NGO, om meer inzicht te krijgen in zaken waar deze organisaties allemaal rekening mee moeten houden, bijvoorbeeld de steeds grotere eisen op het gebied van transparantie. Waar Polman aan bijdraagt, met PVV-politici in haar kielzog, is dat NGOs hun middelen nog meer aan rapportering en zichtbaarheid zullen moeten besteden, en daardoor nog minder tot effectieve ontwikkelingshulp zullen toekomen. Dat kan haar doel toch niet zijn?